interview april 2014

Nico Prins over bewoners initiatieven ondersteund met IKS-geld

Van onderop

Kijken hoe je met bewoners versneld klimaat neutraliteit kan bereiken, bewoners mobiliseren en faciliteren om zich duurzaam te gedragen. Dat is de kern van het Innovatieprogramma Klimaat neutrale Steden (IKS) van Agentschap NL.
Rotterdam kreeg samen met Amsterdam Stadsdeel Zuid en zes andere gemeenten een bijdrage voor de proces- en begeleidingskosten bij de uitvoering van hun proef projecten op weg naar klimaat neutraliteit. In Rotterdam ging het geld bijna logischerwijze naar Heijplaat, waar met de herstructurering en de Campus al fors wordt ingezet op duurzaamheid. Bovendien is Heijplaat voor Rotterdam een testcase voor buitendijks bouwen, een belangrijk item met het oog op klimaatverandering en zeespiegelstijging. Op Heijplaat kwam het IKS-geld ten goede aan een aantal projecten: Groenkleed, Koplopers project Eneco en de Huiskamer.

Bewustzijn      (AANPAK)

Nico Prins is verhalenverteller van professie en als telg uit een oud Rotterdams zeevaarders geslacht wilde hij iets met zijn stad: ‘Heijplaat was het epicentrum van veel ontwikkelingen. Daar wilde ik bij zijn.’ Hij was een van de eerste ‘anti leegstand’ bewoners: ‘Ik kreeg van Woonbron de sleutels, betaalde geen huur, alleen energiekosten. Als tegenprestatie moest ik iets doen voor de wijk. Dat was voor mij een mooie uitdaging.’ Samen met ander actieve bewoners probeert hij de bewoners van Heijplaat bewust te maken van een duurzame leefstijl. ‘Van bovenaf opgelegd lukt dat niet, de mensen zappen weg, dan is hun interesse minimaal. Als mensen zich bewust worden van hun energieverbruik gaan ze vanzelf vragen om maatregelen. Maar regel de verduurzaming van woningen op het dorp bv. vooral met lokale aannemers, niet grootschalig.’

Ook al ziet hij dat bewustzijn wel ontstaan, er is nog een lange weg te gaan. ‘De nuchtere Heijplater staat best open voor duurzame energie, maar zolang er nog kolencentrales gebouwd worden op de Maasvlakte zeggen ze: “Geef mijn portie maar aan fikkie”.’

Eigen

Geboren en getogen in Pernis spreekt Nico de taal van Heijplaters. ‘Ik ben een people-mens. Pernis heeft net zoals Heijplaat maar één toegangsweg. Je bent er nooit op doorreis, als je naar Heijplaat komt heb je er iets te zoeken of je bent familie van een bewoner. Mensen zijn hier op elkaar aangewezen, ze voelen zich eigenaar van het gebied. Buitenstaanders brengen per definitie slecht nieuws, dat is het sentiment. Daarom zijn Heijplaters ook vaak argwanend tegenover professionals die menen de wijsheid in pacht te hebben.’

Die karaktertrek kwam ook naar voren bij het IKS. Het Kenniscentrum Sustainable Solutions dat in opdracht van de gemeente Rotterdam de leer effecten van IKS op Heijplaat Rotterdam onderzocht, kwam tot de conclusie dat het proces moeizaam is verlopen en de duurzaamheidsambities nog niet zijn gehaald. Nico Prins weet er als voorzitter van de bewonersvereniging alles van. ‘Toen het IKS-geld loskwam werden de bewoners geconfronteerd met een manager die het gebied niet kende en die weinig affiniteit had met duurzaamheid. Er ontstond een impasse waarin niemand zijn vingers nog aan de materie wilde branden. Bewoners die actief waren investeerden enorm veel tijd, namen financiële risico´s en raakten bijna overspannen.’

Toch bracht het proces ook positieve punten. ‘Er ontstond meer eenheid onder de bewoners en meer aandacht voor duurzaamheid. Nico Prins: ‘We willen structureel iets in gang zetten, een veranderingsproces wat voortgang krijgt, geen incidentele feestjes meer voor dat geld. Mensen kunnen bv. bij ons het boek In het oog van orkaan van Jan Rotmans lenen. Dat gaat over transities. Mensen raken geïnspireerd als ze het gelezen hebben en krijgen ideeën.’

Toekomst         (RESULTAAT)

Rotmans zei ooit: ‘Als modern ambtenaar of bestuurder moet je de wijken in, de straat op, je oor te luisteren leggen en wat je hoort vertalen naar een strategie waarbij je de mensen zo goed mogelijk helpt.’

Daar ziet Nico Prins ook wel een voorzichtige beweging: ‘De aanpak van professionele partijen, zoals de gemeente, de woningcorporatie en het energiebedrijf wordt misschien langzaam bijgesteld. Er wordt meer gedacht vanuit de leefwereld van de bewoners. Het benutten van netwerken, formeel en informeel, waar bewoners in acteren zal de kans op succes vergroten. Het vraagt misschien wat durf om anders te werken. Ik denk dat een projectleider vanuit onze leefwereld beter vorm en inhoud kan geven aan het algemeen belang.’

De toekomst van Heijplaat staat op het spel. ‘We knokken voor ons dorp. Voor de professionals is het een baan van 9 tot 5, de bewoners staan op met Heijplaat en gaan ermee naar bed. Als de herstructurering, de nieuwbouw en de verduurzaming niet lukken dan is het einde verhaal voor Heijplaat. Dan lopen de voorzieningen leeg. Daarom zijn we dwars. Ondertussen wordt er vanuit de stad relatief veel geld uitgegeven voor nieuwbouw op Heijplaat, het gaat hier ten slotte over niet zoveel huizen. In totaal staan er rond de 800 huizen als het dorp weer op sterkte is. Dat zegt iets over het belang van het gebied. Het is waanzinnig interessant en de moeite waard. Maar de strijd is nog lang niet gestreden.’